De Devotio Moderna was vanaf de oprichting van het Titus Brandsma Instituut een belangrijk onderzoeksveld. De bestudering van deze spirituele beweging, ontstaan in de Nederlanden tijdens de Late Middeleeuwen, wordt door het Instituut beschouwd als voortzetting van het werk van Titus Brandsma.
Het onderzoek omvat de volgende aspecten.
- De kritische uitgave van Gerardi Magni Opera Omnia.
- Het historisch onderzoek betreffende concrete uitdrukkingsvormen van spiritualiteit, zoals de liturgie, de boekcultuur en de collatio.
- Het spiritueel-hermeneutisch onderzoek met name van de Navolging van Christus.
Het nieuwe van de komende onderzoeksperiode 2004-2008 zal erin bestaan instituutsbreed interdisciplinair samen te werken op het gebied van de Moderne Devotie.
Om deze interdisciplinaire uitwisseling te doen slagen zijn twee voorselecties gemaakt: de Imitatio Christi als materieel centrum van de discussies en de innerlijkheid als thematisch brandpunt.
1. De navolging van Christus
De Imitatio Christi van Thomas van Kempen, verreweg het bekendste geschrift van de Moderne Devotie, wordt interdisciplinair onderzocht.
- Vanuit het vormbeschrijvend onderzoek valt een nieuw licht op de tekstgeschiedenis van de Imitatio; de liturgische patronen die doorwerken in het geschrift; de stromingen waarmee Thomas in gesprek was; bovendien zal de receptiegeschiedenis worden bestudeerd.
- Vanuit de spirituele hermeneutiek wordt semantisch onderzoek verricht naar sleutelwoorden (imitatio; interior; ammonitio; consolatio; enz.); de intertextuele relaties met de Schrift zullen object van onderzoek zijn.
- Vanuit systematisch oogpunt worden de filosofisch-theologische grondmotieven waardoor de Imitatio zich laat leiden, onderzocht.
- Vanuit mystagogisch oogpunt wordt de aard van de spirituele interventietechniek bestudeerd.
2. Innerlijkheid
Doorgaans wordt de innerlijkheid pejoratief verstaan: individualisme, privé-vroomheid, burgerlijke conservatio sui, geslotenheid, wereldvreemdheid en dergelijke. Deze negatieve perceptie wordt door velen mede op het conto geschreven van de Moderne Devotie, en dan met name van de Navolging van Christus. De vraag is evenwel of deze innerlijkheid goed verstaan is.
Het doel van de interdisciplinaire instituutsbrede aanpak is de Devotio Moderna op een nieuwe wijze in gesprek te brengen met de hedendaagse cultuur. Enerzijds wordt de teloorgang van de innerlijkheid in de moderne cultuur van de uiterlijkheid (objectivering, massificatie, instrumentalisering) steeds meer als een probleem ervaren. Anderzijds werpt het dialogisch denken een ander licht op de innerlijkheid, dat tot nu toe onopgemerkt bleef. Hetzelfde geldt voor de theorie van de interiorisatie, die een nieuw licht werpt op de innerlijkheid als de diepgang van het spiritueel omvormingsproces. |
|
Projecten
De liturgische identiteit van de modene devoten
Uitvoerder: Charles Caspers
Het leven in het ritme van de liturgie van de koorvrouwen en koorheren van de Congregatie van Windesheim is tot op heden nauwelijks object van onderzoek geweest. Het project wil in deze leemte voorzien en komen tot een specificatie van de identiteit van de Windesheimers in vergelijking met andere vijftiende-eeuwse religieuzen en niet-religieuzen.
Moderne Devotie als denkvorm
Uitvoerder: Inigo Bocken
In dit project zullen teksten uit de traditie van de Moderne Devotie gelezen worden vanuit een wijsgerige vraagstelling. Met name het begrip van de ‘innerlijkheid’, dat in de moderne tijd een centrale rol speelt, zal hierbij voorop staan.
Profectus virtutum in de Moderne Devotie
Uitvoerder: Krijn Pansters
Het onderzoek betreft de rol die de spirituele oefeningen en de voortgang in de deugden (profectus virtutum) speelden in het interiorisatieproces zoals de Moderne Devoten en met name Gerhardt Zerbolt van Zutphen (1367-1398) die verwoord hebben.
Het fenomeen bekering in de Moderne Devotie
Uitvoerder: Dick Akerboom
Op vele wijzen zijn ‘bekeringen’ uit de sfeer van de Moderne Devotie overgeleverd. De bronnen geven inzicht in de ommekeer van Geert Grote, de vader van de Moderne Devotie en een aantal van zijn volgelingen.
Een mystagogische lezing van de 'Imitatio Christi'
Uitvoerder: Jos Huls
Het project beoogt het spirituele proces bloot te leggen waarin Thomas van Kempen zijn lezers wil binnenvoeren. Dit gebeurt door een mystagogische lezing van het geschrift.
'Opera Omnia' van Geert Grote en de Devotio Moderna
Uitvoerder: Rijcklof Hofman
Behalve de gefaseerde editie van de Opera Omnia van Geert Grote wordt een bijdrage geleverd aan het verstaan van de spiritualiteit van de Moderne Devotie door mee te werken aan de nieuwe vertaling van Thomas van Kempen’s Navolging van Christus, door de vervaardiging van een vertaling van Thomas van Kempen’s Alleenspraak der ziel, door onderzoek naar de werkwijze en werken van Thomas a Kempis en door te reflecteren over de thematiek van de innerlijkheid.
De vertaling van de Navolging van Christus
Uitvoerder: Rudolf van Dijk
Het project beoogt een nieuwe vertaling van De imitatione Christi naar de Latijnse tekst volgens de diplomatische uitgave van Léon Delaissé (1956), met selectief bronnenonderzoek en met verwerking van de resultaten van mystagogisch onderzoek.
De geestelijke opklimmingen, vertaling en inleiding
Uitvoerder: Rudolf van Dijk
Gerard Zerbolt geldt als een van de belangrijkste vroege auteurs van de Moderne Devotie. Hij schreef o.m. De spiritualibus ascensionibus. Er wordt een vertaling vervaardigd.
Gaesdonckse-traktatenhandschrift in reeks MVN
Uitvoerder: Marinus van den Berg
Het Gaesdonckse-traktatenhandschrift is een rond 1550 in het Arnhemse klooster St.-Agnes op de Beek vervaardigd verzamelhandschrift. Beoogd is een diplomatische editie met inleiding en paleografische en codicologische beschrijving. |