Halfjaarlijkse informatie over 'Moderne Devotie'
Collatie betekent 'gesprek', vooral 'opbouwend gesprek'. Daar zijn minstens twee partners voor nodig. Ze zijn anders, maar raken elkaar wel, tot opbouw van zichzelf en elkaar. Collatie was een kernbegrip van de Moderne Devotie en is actueel voor onze tijd.
|
|

|
aflevering 27 – december 2011
Van de redactie
Precies een jaar na de laatste gedrukte aflevering in december 2010, verschijnt nu de eerste electronische aflevering van Collatie. Deze nieuwsbrief bevat informatie over de Moderne Devotie vanuit verschillende invalshoeken. Zo wordt er aandacht besteed aan historisch onderzoek en aan de betekenis van de Moderne Devotie als erflater voor onze cultuur en samenleving. Daarnaast wil Collatie een bescheiden platform zijn voor hen die heden ten dage streven naar innerlijke vernieuwing. Deze aflevering van Collatie verwijst voornamelijk naar wat er in de afgelopen periode is gebeurd op ‘het gebied van de Moderne Devotie’, vooral in november, de maand van de spiritualiteit.
De overgang van een gedrukte per post verzonden nieuwsbrief naar een elektronische nieuwsbrief op de website van het Titus Brandsma Instituut, vergroot de bereikbaarheid aanzienlijk.
Belangstellenden van wie de adresgegevens bekend zijn aan de administratie, evenals relaties van het Titus Brandsma Instituut, ontvangen bij elke nieuwe Collatie een bericht per e-mail. Aan andere belangstellenden, van wie de adresgegevens nog niet aan ons bekend zijn, wordt verzocht om hun belangstelling per e-mail door te geven aan de administratie.
Administratie Collatie: henk.rutten@titusbrandsmainstituut.nl
Zoals eerder is bericht, wordt Collatie vanaf deze aflevering digitaal voortgezet. Ook digitalisering is niet gratis, al sparen we voortaan de hoge druk- en verzendkosten uit. Daarom blijven giften welkom op banknummer 231201583 t.n.v. Stg. Titus Brandsma Instituut te Nijmegen, o.v.v. gift Collatie.
[vanuit het buitenland: BIC: ABNANL2A; IBAN: NL07 ABNA 0231201583; Bank: ABN-AMRO MeesPierson, Eindhoven]
Mission statement Titus Brandsma Instituut:
De academische studie van de spiritualiteit in het licht van de Joodse en Christelijke traditie in verleden en heden, ten dienste van kerk en samenleving.
|
|
Redactie
Charles Caspers (eindred.)
Rudolf van Dijk
Ton Hendrikman
Clemens Hogenstijn
Gerry van der Loop
Henk Rutten (administratie)
Administratie
Administratie Collatie
p.a. Titus Brandsma Instituut
Erasmusplein 1
NL-6525 HT Nijmegen
E-mail Collatie
PDF-versie:
- Collatie 27 (december 2011)
Oude afleveringen (HTML):
- Collatie 26 (december 2010)
|
Verdrag van Windesheim

Intentieverklaring Zwolle Deventer
Op woensdag 16 november jl. verzamelde zich een heel divers samengesteld gezelschap in de kerk te Windesheim. Eens was dat de bierbrouwerij van de gelijknamige priorij, het moederklooster van de Windesheimer Congregatie. Gastheer was ds. H. de Jong, de plaatselijke predikant, die zich al zo lang beijvert om de spirituele betekenis van Windesheim als centrale plaats van de Moderne Devotie onder de aandacht te brengen. De aanwezigheid van enkele Nederlandse zusters uit de Windesheimse congregatie onderstreepte de band met het verleden.
Doel van de bijeenkomst was het ondertekenen van een intentieverklaring door de burgemeesters van Zwolle en Deventer. Als omlijsting spraken de heren H.H.J. te Riele (VVV Deventer) en M. Moerman (Zorgboerderij ter plaatse) alsmede de schrijver van deze regels.
In de intentieverklaring onderstrepen de burgemeesters het belang van het cultuurhistorisch erfgoed van de Moderne Devotie, dat zij willen behouden en onderhouden. Zij zullen daartoe in een breed historisch, cultureel en toeristisch veld samenwerking stimuleren. De burgemeesters zien daarbij een rol weggelegd voor de overheid maar ook voor andere partijen. De burgemeesters faciliteren overleg tussen alle betrokken partijen. Zo kan het gedachtegoed van de Moderne Devotie levend
en actueel blijven.
Inmiddels hebben de stichtingen Kring Soeterbeeck en Centrum voor Moderne Devotie een adhesiebetuiging aan dit convenant gepubliceerd.
Clemens Hogenstijn
Hieronder volgt de tekst van het 'tweestedenverdrag'.
Intentieverklaring Moderne Devotie
De intentieverklaring Moderne Devotie staat voor samenwerking op het gebied van de Moderne Devotie in verleden, heden en toekomst. Het verdrag wordt ondertekend door de burgemeesters van Deventer en Zwolle.
Deventer en Zwolle staan bekend als Hanzesteden, maar ook als de twee steden waar in de late Middeleeuwen de Moderne Devotie haar wortels heeft. Daar horen ook de dorpskernen Diepenveen en Windesheim bij, beide van historische betekenis in het kader van de Moderne Devotie.
Bekende Moderne Devoten waren Geert Grote, stichter van de beweging in Deventer, en Thomas a Kempis, verdieper van de beweging in Zwolle.
Het gedachtegoed van de Moderne Devotie staat de laatste jaren weer in de belangstelling. Dit blijkt onder andere uit de hedendaagse opleving van de Moderne Devotie met door de Moderne Devotie geïnspireerde kunsttentoonstellingen in Zwolle en de bouw van het Geert Grote herdenkingscentrum in Deventer.
Om het gedachtegoed van de Moderne Devotie levend te houden, samenwerking tussen personen en instellingen die dit levend houden tot hun taak of verantwoordelijkheid rekenen te bevorderen, en anderen in de gelegenheid te stellen kennis te laten maken met dit gedachtegoed, ondertekenen de burgemeesters van Deventer en Zwolle een intentieverklaring waarbij zij zich zullen inspannen om die samenwerking te stimuleren.
Inhoud van de intentieverklaring
De burgemeester van Deventer, de heer ir. A.P. Heidema, en de burgemeester van Zwolle, de heer drs. H.J. Meijer, bekrachtigen de intentieverklaring met hun handtekening namens respectievelijk de gemeente Deventer en de gemeente Zwolle. Daar waar in de intentieovereenkomst wordt gesproken over 'de burgemeesters' worden de burgemeesters van Deventer en Zwolle bedoeld.
1. De burgemeesters dragen het cultuurhistorisch erfgoed van de Moderne Devotie een warm hart toe en bevorderen - voor zover dit binnen hun vermogen en de bevoegdheid van hun gemeenten ligt - het behoud en onderhoud ervan.
2. De burgemeesters stimuleren historische, culturele en toeristische instellingen om samen te werken, opdat het cultuurhistorisch erfgoed en gedachtegoed van de Moderne Devotie blijvend en zichtbaar aandacht krijgt in hun gemeenten.
3. De burgemeesters zien daarbij niet alleen voor de overheid maar nadrukkelijk ook voor andere partijen in de samenleving een rol weggelegd.
4. De burgemeesters achten het van betekenis dat het gedachtegoed van de Moderne Devotie ook in de huidige samenleving levend wordt gehouden en actuele betekenis wordt gegeven. Zij zetten zich er voor in, voor zover dat in hun vermogen ligt, dat personen en organisaties hiermee kennis kunnen maken.
5. Alle partijen in de samenleving - variërend van overheid, bedrijfsleven, zorg en onderwijs tot culturele, kerkelijke en overige instellingen - kunnen in het verder brengen van het cultuurhistorisch erfgoed en gedachtegoed van de Moderne Devotie een eigen aandeel en verantwoordelijkheid nemen. De burgemeesters faciliteren indien gewenst overleg tussen de diverse personen, organisaties en instellingen die geïnspireerd door deze waarden een verbinding willen maken en tot afstemming en samenwerking willen komen.
Windesheim, 16 november 2011
Ondertekend door de burgemeesters van Deventer en Zwolle, resp. Ir. A.P. Heidema en drs. H.J. Meijer
|
|
Waarachtig is diegene een vriend voor jou,
die hart heeft voor het heil van jouw ziel,
niet die vanbuiten vleit en applaudiseert.
Thomas van Kempen, Gelijk het gras, hoofdstuk 3, vers 2.
|
Leven en sterven als zuster van Soeterbeeck
een nieuwe CD van Cercamon
Leven en sterven als zuster van Soeterbeeck. CERC 211 (2011). Compact disc (totaal 0.52:44 u) met liturgische en paraliturgische gezangen uit het klooster Soeterbeeck (1448-1997) te Nuenen, vanaf 1732 te Deursen. Selectie en productie door het vocaal ensemble CERCAMON. Op 2 en 3 juni 2011 opgenomen in de kapel van voormalig klooster Soeterbeeck. Onder leiding van Elzemarieke Veldhuyzen van Zanten. Prijs € 15 (exclusief verzendkosten). Verkrijgbaar bij CERCAMON [ensemble.cercamon@telfort.nl].
Sinds 1997 is het voormalige klooster Soeterbeeck te Deursen bij Ravenstein een studiecentrum van de Radboud Universiteit Nijmegen. Tot dat jaar werd het bewoond door de reguliere kanunnikessen van Sint-Augustinus van de Congregatie van Windesheim. De laatste zusters schonken heel hun bezit aan de RU tegen de belofte dat deze universiteit voor lange jaren onderzoek zou (laten) doen naar de geschiedenis en spiritualiteit van de Moderne Devotie.
De communiteit ontstond tijdens de bloeitijd van deze beweging van vernieuwde innigheid. Aanvankelijk waren het vier zusters van het gemene leven die in 1448 Nederwetten een gemeenschappelijk leven gingen leiden. Na enkele jaren verhuisden zij naar Nuenen, namen de leefregel van Augustinus aan en traden toe tot het Kapittel van Venlo. Dit was een verband van kloosters die in de geest van het beroemde Kapittel van Windesheim leefden. Kenmerkend voor die geest waren onder meer de dagelijkse viering van de eucharistie en het getijdengebed en het dienstbetoon door onderwijs en gastvrijheid.
In 1732 – de Reformatie was al ver opgerukt – moest het convent uitwijken naar een gebied waar kloosters nog vrij konden bestaan. Te Deursen in het Land van Ravenstein kon een landgoed worden verworven. Bij de verhuizing namen de zusters hun oude boeken mee. Veel boeken waren met de hand geschreven en lange tijd gebruikt voor de vieringen in de kloosterkapel. Ze bevatten een schat van liturgische teksten en gezangen, die nog tot in de eerste jaren van de negentiende eeuw werden gebruikt. De zusters hadden nog tot 1810 een rector uit hun eigen Windesheimse traditie, Arnoldus Beckers uit de Windesheimse priorij Gaesdonck bij Goch. Hij reviseerde de oude teksten, vulde ze aan en hield ze geschikt voor eigentijds gebruik. Toen hij in 1810 overleed, brak een nieuwe periode aan, waarin de zusters meer op wereldheren uit het bisdom Den Bosch waren aangewezen. Zij hadden minder gevoel voor de eigen liturgie van de zusters.
Op 28 oktober 2011 vond op initiatief van prof. dr. Johan Oosterman en dr. Hans Kienhorst in Soeterbeeck een workshop plaats. Samen met enkele belangstellenden studeerde het ensemble CERCAMON de verspers in, ter ere van de heilige Maria Magdalena, ‘zoals die geklonken zouden kunnen hebben op haar naamdag 22 juli bij de zusters van Soeterbeeck in de late middeleeuwen’. Na de versperviering werd een eerste exemplaar van de nieuwe CD Leven en sterven als zuster van Soeterbeeck aangeboden aan dr. Rudolf van Dijk O.Carm., die van 1978 tot 1997 de laatste pastor van de zusters in Deursen was. De CD bevat zowel gesproken als gezongen teksten, respectievelijk in het Middelnederlands en het Latijn. De 20 nummers bestrijken de hoofdmomenten van het kloosterleven, zoals inkleding en professie, ziekenzalving en begrafenis. [RvD]
|
|
|
Boekpresentatie Gerard Zerbolt van Zutphen
Donderdag 3 november vond in het Historisch Centrum Overijssel te Zwolle de presentatie van de door Rudolf van Dijk ingeleide en vertaalde Geestelijke opklimmingen van Gerard Zerbolt van Zutphen plaats (voor de korte inhoud, zie hieronder bij ‘nieuwe uitgaven’). De presentatie – die georganiseerd was door de Stichting Thomas a Kempis, in samenwerking met het Titus Brandsma Instituut en de Coornhert Stichting – werd ingeluid met drie lezingen en besloten met een heildronk. Namens het Titus Brandsma Instituut vertelde Charles Caspers waarom en op welke wijze dit instituut, waaraan ook Rudolf van Dijk verbonden is, zich bezighoudt met de studie van de Moderne Devotie. Allereerst verwees Caspers naar de naamgever van het instituut, Titus Brandsma, die in Nijmegen bijzonder wordt herdacht op 3 november (de dag van zijn zaligverklaring). Meer dan wie ook zag Titus in hoe groot de waarde van de geschriften van de moderne devoten was voor zijn eigen generatie en toekomstige generaties. In de 43 jaar dat het naar hem genoemde instituut bestaat, hebben enkele medewerkers ervan zich bekwaamd in het schrijven van historische studies, het editeren van de geschriften der devoten en het gebruiken van die geschriften als verdiepingsstof in de opleiding voor geestelijk begeleider. Een belangrijk doel is om die geschriften onder de aandacht van het hedendaagse publiek te brengen. En dan maar hopen dat het klikt… Na Caspers vertelde Gerlof Verwey, die optrad namens de Coornhert Stichting, over de ontwikkeling van het nonconformisme in Nederland vanaf de veertiende eeuw tot na de reformatie. Als derde en laatste spreker hield Rudolf van Dijk een inleiding op de Geestelijke opklimmingen. De tekst van de lezingen van Verwey en Van Dijk is terug te vinden in het boek dat werd aangeboden aan Ben Wolbers o.carm., prior provinciaal van de Nederlandse Karmelprovincie, en Bert de Vries, directeur van het Historisch Centrum Overijssel.

Van links naar rechts: drs. B.J.J. (Ben) Wolbers o.carm., dr. R.Th.M. (Rudolf) van Dijk o.carm., drs. A.G. (Bert) de Vries
In de eerste week van november waren er in Zwolle nog meer activiteiten in het kader van de Moderne Devotie. Kort noemen wij hier nog:
2 november: Thomas a Kempis lezing gekoppeld aan christelijke meditatie, door Thom Breukel en Mink de Vries te Zwolle;
4 november: zesde Thomas a Kempis lezing door Huub Oosterhuis in de O.L.V. Basiliek;
5 november: Thomas a Kempisdag Zwolle, informatieve wandelingen/fietstochten in Zwolle en omgeving.
Daarnaast zijn in Zwolle vanaf oktober/november maar liefst drie tentoonstellingen ingericht:
‘Van Albrecht Dürer en Thomas a Kempis – kunst en handschriften uit de tijd van de Moderne Devotie’’, van 15 oktober t/m 8 januari in Museum de Fundatie te Zwolle.
‘Aan God gehecht, het verhaal van de Moderne Devotie’ en ‘Door geloof gedreven, hedendaagse kunstenaars met werk over hun geloof’, van 16 september 2011 t/m 11 maart 2012 in het Stedelijk Museum Zwolle.
‘Een expositie over God’ van beeldend kunstenaar Henk Heideveld, van 4 november 2011 t/m 27 januari 2012, in het Historisch Centrum Overijssel. Bij deze tentoonstelling heeft de kunstenaar een aantal teksten verzameld en uitgegeven in een bundel: Henk Heideveld, Modernere devotie, 162 p.
Ter gelegenheid van de Zwolse tentoonstellingen is een prachtig verluchte catalogus uitgegeven met bijdragen van Mariska van Beusichem, Marjan Brouwer, Feico Hoekstra en Bert de Vries: Moderne Devotie. Terug naar de bron met Geert Grote (1340-1384) & Thomas a Kempis (ca. 1380-1471), Wbooks: Zwolle, 2011, 128 p., ISBN 978 90 400 7841 2.
|
|
|
Expositie in Arnhem: Verborgen leven
In het Historisch Museum Arnhem (Bovenbeekstraat 21, Arnhem) loopt van 18 november tot 29 januari 2012 een tentoonstelling over ‘Verborgen leven. Arnhemse mystiek in de zestiende eeuw’. Ze is opgebouwd rondom handschriften waarin mystieke en andere spirituele teksten uit de middeleeuwen in het Nederlands bewaard zijn gebleven. Deze handgeschreven boeken zijn vervaardigd door zusters van het Agnietenklooster te Arnhem, een klooster van reguliere kanunnikessen dat in 1404 was ontstaan als een convent van zusters van het Gemene Leven. De zusters waren in de eerste helft van de zestiende eeuw vooral door de snelle opkomst van de Reformatie beducht voor het verlies van oude geschriften die hun dierbaar waren. Daarom verzamelden zij dergelijke werken in zogenaamde verzamelhandschriften. Bij de opheffing van hun klooster in 1636 gaven de laatste zusters hun boeken mee aan hun laatste rector. Deze behoorde tot de priorij Gaesdonck bij Goch, waarvan de conventualen – reguliere kanunniken van Windesheim – tot in het begin van de negentiende eeuw de pastorale zorg voor verwante vrouwenkloosters in hun omgeving hebben waargenomen. De boeken van dergelijke kloosters werden meestal opgenomen in de eigen kloosterbibliotheek van Gaesdonck, die nog steeds bestaat. Momenteel wordt er in Nederland, België en Duitsland in verschillende wetenschappelijke instellingen onderzoek gedaan naar deze late getuigen van Moderne Devotie in de vroege Nieuwe Tijd.
Bij de expositie in Arnhem is een bundel studies verschenen onder redactie van dr. Hans Kienhorst (Radboud Universiteit Nijmegen), die onderzoek doet naar de handschriftencollecties van het Agnietenklooster te Arnhem en het klooster Soeterbeeck te Deursen bij Ravenstein. De bundel heeft als titel ‘Verborgen leven. Arnhemse mystiek in de zestiende eeuw’ en is in het Historisch Museum Arnhem verkrijgbaar. [RvD]
|
|
|
Katharinentag Kranenburg
Op vrijdag 25 november 2011, de feestdag van de H. Katharina van Alexandrië, werd in Museum Katharinenhof te Kranenburg door de plaatselijke Verein für Heimatschutz en het Titus Brandsma Instituut een congres georganiseerd over ‘Die devotio moderna als geistige Reformbewegung am Niederrhein’. Het middagprogramma stond met vier wetenschappelijke lezingen in het kader van ‘Frömmigkeit ohne Institutionen? De devotio moderna als Reformbewegung am Niederrhein’. Achtereenvolgens kwamen aan het woord: Rijcklof Hofman over de preek van Geert Grote versus priesters met een levensgezellin, Inigo Bocken over de Moderne Devotie en de hedendaagse Religionsfrage, Manuel Hagemann over de Moderne Devotie in de regio rond Kleef; Anne Bollmann over huizen van zusters van het gemene leven. Vol van deze geestelijke kost zetten de ca. 70 deelnemers zich aan een stevige maaltijd in de krochten van Katharinenhof, waarna het avondprogramma begon met ca. 90 deelnemers. Dit programma stond met twee publiekslezingen in het kader van ‘Geist ohne Grenzen: devotio moderna und Spiritualität heute’. Charles Caspers bracht, met het Lam Gods van Jan van Eyck als illustratiemateriaal, een beeldend verhaal over ‘Thomas van Kempen en de hemel op aarde’,waarna Thomas Quartier een flamboyant betoog hield over ‘Trennungskrisen. Rituelle Erkundungen der Imitatio Christi in der modernen Gesellschaft’. De avond werd besloten met een primeur: voor het eerst sinds eeuwen werden enkele liederen van Nicolaus van Kues ten gehore gebracht. De liederen zijn op muziek zijn gezet door de Vlaamse componist Boudewijn Buckinx.
|
|
|
Onderzoek
Verluchtingstradities in laatmiddeleeuwse handschriften van de Broeders van het Gemene Leven, promotieonderzoek van Svenja Bossmann
Dit kunsthistorisch onderzoeksproject aan de Radboud Universiteit Nijmegen houdt zich bezig met een vergelijkende analyse van de boekverluchting in handschriften die geïllumineerd zijn door de Broeders van het Gemene Leven.
Aan het eind van de middeleeuwen toen de boekdruk steeds belangrijker werd en de handschriftenproductie in toenemende mate aan betekenis verliest, vormden de lekenhuizen van de Moderne Devotie actieve centra voor het vervaardigen van boeken die vaak tot ver in de 16de eeuw bleven bestaan. Naast boeken voor eigen gebruik werden in de huizen van de Broeders van het Gemene Leven talrijke vooral liturgische handschriften in opdracht van kerken en particulieren vervaardigd, die ook een bron van inkomsten vormden. Tot de handschriftenproductie in de middeleeuwen hoorde, naast de preparatie van perkament of papier, het kopiëren van de tekst en het inbinden, ook het aanbrengen van de illuminatie. De verluchting die de Broeders van het Gemene Leven voornamelijk in hun in opdracht geschreven boeken aanbrachten, betrof het penwerk. Deze vorm van boekverluchting die alleen met de pen werd uitgevoerd, sloot met haar terughoudend karakter het best aan bij de ideeën over het leiden van een sober en eenvoudig leven in de navolging van Christus.
Kenmerkend voor de religieuze beweging van de Moderne Devotie is dat nieuwe lekengemeenschappen, die zowel in Nederland als Duitsland gevestigd waren, vaak met ondersteuning van al langer bestaande huizen zijn ontstaan. Vooral de Broeders in Deventer, Zwolle en Münster hebben in hun geschiedenis het initiatief genomen nieuwe gemeenschappen te ondersteunen en stonden daarbij ook leden af voor een nieuwe vestiging. Onderlinge contacten tussen de huizen bleven op allerlei manieren volgens de bronnen vaak ook in latere tijd bestaan. Door de contacten die tussen enkele of meerdere huizen bestonden, rijst de vraag naar hun onderlinge afhankelijkheid met betrekking tot de handschriftenproductie en de vormgeving van de boekverluchting in penwerk die in de ateliers gangbaar was. Is er sprake van overeenkomsten en relaties in de verluchtingen of heeft ieder atelier een eigen verluchtingsstijl ontwikkeld? Gezien het redelijke aantal bewaard gebleven boeken uit de verschillende huizen concentreert het project zich op handschriften uit de 16de eeuw, als de fraters bijna het monopolie lijken te hebben gekregen op de productie en verluchting van liturgische handschriften voor mis en officie.
Een belangrijk doel van het onderzoek is door een gedifferentieerde analyse van de verluchting in de handschriften een duidelijk overzicht te krijgen over gewoontes, processen en verluchtingstradities binnen de schrijfateliers van de fraters. Hiermee zal een kunsthistorisch instrumentarium worden ontwikkeld waarmee het in toekomst mogelijk zal worden om op dit moment niet geclassificeerde handschriften ook op basis van de aanwezige decoratie toe te schrijven aan een bepaald schrijfatelier uit de kringen van de Moderne Devotie.
|
|
|
Korte berichten
De sociale kant van de Moderne Devotie
Op 1 september 2011 organiseerde de Stichting Piet Tillema Fonds in Deventer de Derde Geert Groote Dag. Thema was ditmaal het sociale aspect van de Devotio Moderna. Het tijdens de dag gesproken woord is in een boekje neergelegd. Belangrijke teksten zijn: Rijnlands denken volgens Hein Pieper (r.k. diaken en dijkgraaf) en Geert Groote en het geheim van het samenleven door Jetta Kleinsma (kamerlid, oud staatssecretaris). Deze publicatie van 32 pp. kost € 5,- (inclusief verzendkosten) en kan worden besteld via de Stichting Centrum voor Moderne Devotie. Per mail: c.m.hogenstijn@saxion.nl, telefonisch via 0570-693306.
Bloemen uit de hemel, in dialoog met Geert Groote (1340-1384)
Tijdens de bovengenoemde Derde Geert Groote Dag presenteerde de Stichting Geert Groote Huis een boekje van de hand van prof. dr. Auke Jelsma onder de titel: Bloemen uit de Hemel, in dialoog met Geert Groote (1340-1384). Dat gebeurde ter gelegenheid van het leggen van de eerste steen van het nationale informatiecentrum 'Geert Groote Huis' op die dag. De kerkhistoricus en romanschrijver Jelsma gaat met deze uitgave het gesprek aan met de grondlegger van de Moderne Devotie. Eén van de dialogen werd op 1 september voor het voetlicht gebracht, alle vijf zijn nu te lezen in dit verzorgde boekje (ISBN 978-90-817855-0-1), dat voor € 5,- in de boekhandel te koop is. [CH]
|
|
|
Nieuwe uitgaven
Erkenning van onze broosheid…
een boekje van Thomas van Kempen
Thomas a Kempis, Gelijk het gras. Erkenning van onze broosheid. Libellus de recognicione proprie fragilitatis. Uit het Latijn vertaald, toegelicht en ingeleid door dr. Rudolf van Dijk O.Carm. Utrecht, Uitgeverij Kok, 2011 [www.kok.nl]. 72 blz. ISBN 978 90 435 0338 9. NUR 707. Prijs € 14,90.
Rond 1 november 2011 verscheen een boekje dat geschreven is door Thomas van Kempen (1380-1471). Deze reguliere kanunnik van het Windesheimse klooster Sint-Agnietenberg bij Zwolle is vooral bekend om zijn Navolging van Christus. Maar hij heeft veel meer geschreven. Voor zijn werk is groeiende belangstelling, want Thomas manifesteert zich als een betrouwbare geestelijke begeleider voor mensen die een spirituele weg zoeken of gaan. Eerder verschenen bij dezelfde uitgever al De rozentuin en Het leliedal. Het nieuwe boekje is evenals de twee andere bijzonder smaakvol en aantrekkelijk uitgegeven. De titel Gelijk het gras herinnert aan Jesaja 40,6. Hiernaar verwijst Petrus in zijn eerste brief: ‘De mens is als gras en zijn schoonheid als een bloem in het veld: het gras verdort en de bloem valt af, maar het woord van de Heer blijft eeuwig bestaan’ (1 Pt 1,24).
Thomas wilde met deze boekjes mensen helpen bij het verzorgen van hun innerlijk leven. Wie zich toelegt op lezing, overweging en gebed, is als ‘een wijze hovenier die rozen en lelies op zijn veld plant’. Maar onze rozen en lelies verwelken. Ze zijn uiteindelijk gelijk het gras, als hooi waarin wij onze broosheid leren erkennen. Maar niet zonder hoopvol perspectief. Temidden van alwat voorbijgaat, beweegt ons het verlangen naar wat blijft en eeuwig is. Zo vormt Gelijk het gras het middenpaneel van een triptiek, waarvan De rozentuin en Het leliedal de zijpanelen zijn.
Omdat het eigenlijke boekje slechts acht korte hoofdstukken omvat (blz. 45-70), liet de vertaler er een wat langere inleiding aan voorafgaan (blz. 9-42). Hierin plaatst hij voor een breed publiek de oorspronkelijke tekst binnen de context van de Moderne Devotie als beweging van ‘vernieuwde innigheid’. Hij gaat tevens in op de spiritualiteit van de vergankelijkheid. Deze nieuwe uitgave is, behalve voor persoonlijk gebruik, ook heel geschikt voor lezing, overweging en uitwisseling in groepsverband. [RvD]
|
|

|
Geestelijke opklimmingen
een gids voor de geestelijke weg
Gerard Zerbolt van Zutphen, Geestelijke opklimmingen. Een gids voor de geestelijke weg uit de vroege Moderne Devotie. Vertaald, ingeleid en toegelicht door R.Th.M. van Dijk O.Carm. Bibliotheca Dissidentium Neerlandicorum 8. Amsterdam, University Press, 2011 [www.aup.nl]. 344 blz., afb. ISBN 9 789089 644039. NUR 688. Prijs € 34,50.
Op 3 november 2011 vond in het Historisch Centrum Overijssel te Zwolle de presentatie plaats van een boek uit de vroege Moderne Devotie (zie hierboven). Het betreft een vertaling van De spiritualibus ascensionibus, in het Nederlands vertaald als Geestelijke opklimmingen. Het is het belangrijkste van de twee boeken die de jong gestorven Gerard Zerbolt van Zutphen (1367-1398), broeder van het gemene leven in het Heer-Florenshuis te Deventer, geschreven heeft voor mensen die orde willen scheppen in hun geestelijk leven. Er bestond tot nog toe geen moderne Nederlandse vertaling van. Wel zijn er in bibliotheken en bij particulieren nog handschriften of drukken in het Latijn of het Middelnederlands. Hun aantal bevestigt dat het in de vijftiende eeuw een graag gelezen en breed verspreid boek is geweest.
Aan het boek van Gerard Zerbolt (blz. 201-344) gaat een uitvoerige inleiding vooraf (blz. 21-188), waarin de vertaler de Moderne Devotie in haar vroegste verschijningsvorm voorstelt. In deze beweging van ‘vernieuwde innigheid’ ging het om herstel van het christelijk gemeenschapsleven. Dit verkeerde destijds door crisis in kerk en maatschappij in wanorde. Gerard Zerbolt ontvouwt voor zijn lezers een ordelijk opgezet plan van deugden die als tegenkrachten ingezet moeten worden tegen de vele ondeugden waaraan het mensdom lijdt. Hij legt daarbij veel nadruk op de persoonlijke verantwoordelijkheid van iedere mens voor zijn eigen ziel in relatie tot zijn eigen plaats in het samenleven met andere mensen. Het boek Geestelijke opklimmingen bevat ook een aantal hoofdstukken, waarin het leven van Jezus als paradigma voor de geestelijke weg wordt gepresenteerd. Broeder Gerard legt zijn lezers uit hoe de aspecten van dit leven hen concreet kunnen helpen in hun lectio divina van lezing, overweging en gebed.
De boekpresentatie was georganiseerd door de Stichting Thomas a Kempis te Zwolle onder leiding van haar voorzitter drs. Mariska van Beusichem in samenwerking met drs. Bert de Vries, directeur van het Historisch Centrum Overijssel. Het programma bevatte enkele voordrachten. Dr. Gerlof Verwey, hoofdredacteur van de reeks Bibliotheca Dissidentium Neerlandicorum, schetste de visie vanwaaruit de Coornhertstichting zich ook interesseert voor de auteurs uit de Moderne Devotie. Dr. Rudolf van Dijk, senior wetenschappelijk onderzoeker van het Titus Brandsma Instituut, plaatste het boek in de traditie van het onderzoek naar Gerard Zerbolt, dat al door prof. dr. Titus Brandsma in 1924 was begonnen. In 1936 promoveerde bij hem dr. Theo van Rooij op een proefschrift over leven en werken van Gerard Zerbolt. Thans zijn we 75 jaar verder en mogen wij beschikken over een moderne Nederlandse vertaling van een van de belangrijkste geschriften die uit de Moderne Devotie zijn voortgekomen. Het hoogtepunt van de boekpresentatie was de aanbieding van de eerste exemplaren aan drs. Bert de Vries, namens het HCO gastheer van het evenement, en aan drs. Ben Wolbers, prior provinciaal van de Nederlandse Karmelprovincie. [RvD]
|
|
 |
Informatie over Moderne Devotie
Titus Brandsma Instituut (Nijmegen 1968): info@titusbrandsmainstituut.nl / www.titusbrandamainstituut.nl
Centrum voor Moderne Devotie (Deventer 1980): c.m.hogenstijn@saxion.nl / chogenstijn@hotmail.com
Stichting Kring Soeterbeeck (Ravenstein 1987): g.vanderloop@wxs.nl / collatie@planet.nl
Stichting Thomas a Kempis (Zwolle 1988): madzy.vanderplaats@planet.nl / www.thomasakempiszwolle.nl |
|
|
|
|
|
|
|
|
|  |  |
|
|
|