Home » Kijkje

Categorie: Kijkje

Kijkje in de keuken van Charles Caspers

In Wonosobo (Midden-Java) heeft de Congregatie al vanaf 1938 een dovenschool onder haar hoede, Dena Upakara. Voor bezoekers is er steevast een warm welkom (november 2017)

Voor Charles Caspers, gepensioneerd medewerker van het Titus Brandsma Instituut, is thuiswerken in deze coronatijd niet heel anders dan anders. In november 2019 nam Charles afscheid, maar hij heeft nog een onderzoekaanstelling om zijn monografie over de geschiedenis van de Congregatie ‘Dochters van Maria en Joseph’ (Zusters van de Choorstraat, Den Bosch) af te ronden.

Schrijven, schrijven, schrijven…
‘Mijn bezigheid bestaat voornamelijk uit schrijven, en dat is een individuele aangelegenheid. Dat deed ik de laatste jaren al voornamelijk thuis, en dat is nog steeds zo. Ik mis de bibliotheek wel (UB). De voornaamste reden dat ik nog op het instituut kwam, was om boeken op te halen die ik nodig had voor mijn onderzoek.’

‘Ik werk al jaren aan de geschiedenis van genoemde Congregatie. Het wordt een dik boek. Of eigenlijk: twee boeken en een deel met bijlagen. Een deel, over de missieboek, is klaar. Ik zit nu heel ambachtelijk met rode pen de tekst van het andere deel, dat over Nederland gaat, te corrigeren. En in te korten, want ik wil van 150.000 (!) woorden naar 110 – 120.000 woorden toe. Daarna gaat het naar een aantal mee-lezers, en daarna richting uitgever. Dan is in het najaar de hele kopij klaar.’

Coronavertraging
‘Het was de bedoeling dat het boek dit jaar uit kwam. Er is wat vertraging opgelopen en door de coronacrisis is het niet mogelijk het boek dit jaar nog uit te geven en te presenteren. We gaan nu voor maart 2021. Dat wordt een feest, deo volente.’

In Baucau (Oost-Timor) heeft de Congregatie eveneens een school en internaat voor dove kinderen. Hier vier stoere jongens in danskleren (november 2017)

Mooie plaatjes
‘Een heel leuk onderdeel van het schrijfproces was het zoeken en vinden van afbeeldingen. In het missiedeel alleen al zo’n 175. Een flink aantal van die afbeeldingen heb ik zelf gemaakt. Toen ik bezig was met het bedevaartlexicon (1997-2005), kwam ik op de zonderlingste plekken. Ik ben toen geleidelijk zelf begonnen met fotograferen en dat doe ik nog steeds. Voor dit boek in 2017 nog op Java en Timor, maar in eigen land ook, bijvoorbeeld van het Hamerhuis hier in Nijmegen. Tot voor kort fietsten daar dagelijks talrijke studenten langs van het station naar de Radboud Universiteit. Collega Wendy Litjens helpt me ook met het vinden van afbeeldingen. Dat doet zij heel vakkundig en met aangename verrassingen. ’

Het Hamerhuis
‘Dat is trouwens een bijzonder verhaal, dat van het Hamerhuis. Bij veel Nijmegenaren zal het wel bekend zijn. Het is een merkwaardig gebouw aan de Verlengde Groenestraat. Het is in 1923 gebouwd als studiehuis voor de Scheutisten, een Belgische missiecongregatie. Wat meteen opvalt, is het Chinese torentje. De Scheutisten waren gespecialiseerd in China. Al hun missionarissen gingen aanvankelijk naar China, later ook naar Congo. Het Hamerhuis is vernoemd naar de uit Nijmegen afkomstige Mg. Ferdinand Hamer en het torentje verwijst naar de verbintenis met China. Hamer werd in 1900 vermoord door de zogenoemde Boksers, een echte geloofsmartelaar is hij.  Van hem staat, al sinds 1902, ook een standbeeld bij het Keizer Karel Plein.’           

Op het pad van Titus Brandsma
‘Twintig jaar geleden kwam ik ‘bij toeval’ op het Titus Brandsma Instituut te werken. Gaandeweg de rit realiseerde ik me dat ik veel dezelfde interesses had als Titus, dat ik met dezelfde onderwerpen bezig was. Ik was alleen geen pater maar een huisvader. Onze beider lievelingsonderwerpen zijn Moderne Devotie, volksvroomheid en liturgie. Zo schreef ik, samen met Rijcklof Hofman, een boek over Lidwina van Schiedam, Een bovenaardse vrouw, een heilige voor wie Titus ook veel belangstelling had.’

Wie schrijft die blijft
‘Schrijven blijft altijd een avontuur’, aldus Charles. ‘Het is echt hard werken. Soms ben ik dagen aan het lezen en het samenvatten. Dan kom ik met vierkante ogen beneden. Gelukkig heb ik nooit een writer’s bloc (wat niet wil zeggen dat het vanzelf gaat) en dat komt goed uit, want ik wil nog zeker tien jaar schrijven. Ik wil mijn nieuwe interpretatie van het beeldprogramma van het Lam Gods van Van Eyck nog in boekvorm gieten, en ook over liturgiegeschiedenis, volksvroomheid en de Moderne Devotie heb ik ook nog een paar boeken in mijn hoofd.’

‘Maar eerst moet dit boek helemaal af, dat gaat voor alles. Dus er mag mij niets overkomen, het leven is spannend.’

 

 

Kijkje in de keuken van Marc De Kesel

‘Als directeur interne en externe zaken moet ik, zoals alle medewerkers, vanuit huis werken. Dat lukt aardig, al was het maar omdat er prompt met collega’s Ria, Lieneke, Henk en Ilja een WhatsApp-groep ‘coronacrisis’ in het leven is geroepen die alles op de voet volgt. Het komt er nu op aan om onze zichtbaarheid via de website en social media extra te benutten en de communicatie tussen ons onderling en onze relaties via digitale middelen te bevorderen.’

‘Deze week krijgt de drukte voor mij een extra touch. Ik was normaal de hele week in San Antonio, Texas, aan de ons bekende Oblate School for Theology, om er een ‘intensive course’ over ‘Spirituality and Modern Art’ te geven. Maar daar heeft Corona anders over beslist. Even in Texas een voorsmaakje meepikken van de zomerzon, zit er niet in. We moeten het surfend via Zoom doen. Drie uur per dag college geven van achter mijn eigen werktafel thuis: het lukt aardig, maar ‘live’ is het een stuk aangenamer, zoveel is zeker.’

‘Ondertussen werk ik ook aan een recensie van Foucault, Bekentenissen van het vlees (Boom, 2020), redigeer ik samen met Ad de Keyzer de bundel ‘Toon je wonde’ en met Ad Poirters de bundel ‘Mysticism and/as Love Theory’.’

‘De coronacrisis zal ons, zo blijkt, toch wat langer van het normale leven weghouden. We zullen ons in digitale communicatie helemaal eigen moeten maken, er zit niets anders op. En ondertussen maken we er ook gebruik van om in een ander soort rust dan normaal toch gestaag verder te werken aan ons onderzoek.’

‘Maar hopelijk duurt het allemaal niet al te lang, want zolang kunnen we zonder onze legendarische ‘koffietafel’ nu ook weer niet stellen.’

Kijkje in de keuken van Ad Poirters

‘Mijn belangrijkste werk aan het TBI bestaat voornamelijk uit onderzoek naar Nederlandse vertalingen van De imitatione Christi van Thomas van Kempen. In 2021 is het 550 jaar geleden dat Thomas overleden is; voor die gelegenheid zijn we samen met de faculteiten een internationaal congres aan het organiseren. Ook leggen Hans Kienhorst en ik op dit moment de laatste hand aan ons boek over de middeleeuwse handschriften en vroege drukken van de zusters van Soeterbeeck in Deursen, het laatste klooster in Nederland dat rechtstreeks voort is gekomen uit de Moderne Devotie.’

Wat heeft corona voor jou verandert?
‘Vanaf mei zou ik een collegereeks verzorgen rond de veelvormige receptie van de Navolging van Christus in de Nederlanden, door katholieken en protestanten, als kerkboek en als mystieke tekst. Die cursus kan niet doorgaan op dat moment. Ook een lezing die ik zou verzorgen voor het Geert Groote Huis in Deventer moet helaas verplaatst worden.’

Kan je je werk thuis doen? Of doe je ander werk?
‘Nieuw onderzoek kan ik thuis eigenlijk niet doen. Ik werk veel met oude boeken, die alleen in de Leeszaal Bijzondere Collecties van de UB geraadpleegd kunnen worden. Ook moet ik op een gemiddelde dag best een aantal keren naar de bibliotheek lopen om een modern werk te raadplegen. Dat gaat nu natuurlijk niet.’

‘Gelukkig is er genoeg ander werk dat ik wel thuis kan doen. Op dit moment ben ik bijvoorbeeld samen met collega’s bezig met het redigeren van artikelen voor twee congresbundels, een over Thomas van Kempen en een naar aanleiding van het congres Mysticism and/as Love Theory van vorig jaar. En het boek over de historische bibliotheek van Soeterbeeck moet herzien en afgerond worden.’

Letterlijk een kijkje in de keuken van Ad Poirters

Wat mis je het meest nu je thuiswerkt?’

‘De sociale contacten en het gemak waarmee je bij collega’s kunt binnenlopen om iets te bespreken.’

Zijn er ook ‘voordelen’ aan het thuiswerken?
‘Het scheelt tijd en energie om de reis naar het werk, hoe kort die voor mij ook is, niet te hoeven maken. Omdat mijn vriendin en ik geen kinderen hebben, is het thuis bovendien lekker rustig.’

Wat zouden we kunnen leren uit deze crisis?
‘Grotere waardering voor de mensen die de ‘vitale beroepen’ uitoefenen, en dat een eenvoudiger leven in een lager tempo misschien zo gek nog niet is.’

Kijkje in de keuken van Ilja Kramer

‘Ik ben als communicatiemedewerker bij het Titus Brandsma Instituuten bezig met interne en externe communicatie . Zo houd ik website bij, zorg voor communicatie over onze activiteiten en bewaak ik onze huisstijl’.

‘Door de coronacrisis werk ik vanaf vrijdag 13 maart (vrijdag de 13e) thuis. Veel van het werk dat ik doe, is vanachter de computer. Thuiswerken is dus voor mij geen enkel probleem. Ik zit met de laptop heerlijk in de woonkamer, er is goede koffie en we lunchen met het gezin elke dag samen.’

‘Je hoort van sommige mensen dat ze niet zoveel  meer te doen hebben. Dat is voor mij helemaal niet het geval. Ik ben momenteel druk met ons jaarverslag en ik ben ook nog bezig om een boekje te maken voor wanneer Titus Brandsma heilig wordt verklaard (ligt in de lijn der verwachting, maar wanneer is onduidelijk). Daarnaast bereid ik alle communicatie met medewerkers voor, en ook met cursisten, deelnemers en anderszins geïnteresseerden van het TBI. Denk aan interne mails, de website, social media en nieuwsbrieven.’

‘Ik mis het contact met collega’s in de wandelgangen. En ik mis ons koffie-halfuurtje om 10.30. Daar sluit altijd iedereen bij aan die er die dag is. De ene keer hebben we het over koetjes en kalfjes, de andere keer is het heel serieus. En als je jarig bent, moet je trakteren. Ik was vorige week jarig, dus mijn collega’s houden de taart tegoed.’

‘Het voordeel van thuiswerken is dat je altijd lekkere koffie hebt. Nee, geintje. Je wordt heel productief, hebt weinig afleiding. Vergaderen online is ook heel efficiënt heb ik gemerkt.’

‘Wat we kunnen leren van deze crisis is dat we heel goed online kunnen samenwerken. Dat het niet altijd nodig is om in de trein of in de auto te stappen voor een overleg. Dat kan prima via Zoom of Skype of Webex. Hiermee spaar je tijd uit, die je weer aan iets anders kan besteden. Je houdt dus effectief meer tijd over om je werk goed te doen.’

‘En wat we leren is de enorme waarde van mensen in de zorg, het onderwijs, de politie etc. Deze beroepen zullen in de toekomst veel meer gewaardeerd (moeten) worden. Qua imago en qua salaris. Dat zou ik graag zien gebeuren.’

Kijkje in de keuken van Ad de Keyzer

Vandaag nemen we een kijkje in de keuken bij Ad de Keyzer, vrijwillig wetenschappelijk medewerker van het Titus Brandsma Instituut. Ad is een mystieke duizendpoot. Hij promoveerde op het onderwerp liturgische spiritualiteit. Samen met collega’s zette Ad het vormingswerk van het TBI op de kaart. Ook is hij musicus en componist.

Psalmen project
In deze hoedanigheid werkt hij samen met Kees  Waaijman aan het langlopende project om de psalmen opnieuw te vertalen en op muziek te zetten met het oog op een nieuwe vorm van getijdengebed. Kees zorgt voor de vertaling, Ad componeert. Dit levenswerk levert telkens nieuwe uitgaven op. Uiteindelijk vormen alle bundels een handreiking voor biddend leven.

Gapassioneerd Bachliefhebber
Daarnaast is de Keyzer een gepassioneerd Bachliefhebber en kan hij gezien worden als een expert op het gebied van de Matthäus-Passion én de Johannes-Passion. Hij schreef hierover het Bachs grote Passie en vandaag presenteert hij – samen met Paul Verheijen – hun nieuwe boek Bachs onvoltooide Passie. Een spiritueel-liturgische benadering van de vier Johannes-Passionen van Johann Sebastian Bach.

‘Geef mij een computer en een partituur en ik ben volmaakt gelukkig’
Het totstandkomen van zijn nieuwe boek heeft Ad de afgelopen maanden menigmaal uit zijn slaap gehouden. ‘Zo’n boek maken, dat is echt een hels karwei. Het schrijven zelf gaat me prima af. Geef mij een computer en een partituur en ik ben volmaakt gelukkig. Maar het corrigeren van de drukproeven, dat levert een hoop stress op.’

Vele nachtelijke uurtjes
‘Het is een dik boek, ons boek over de Johannes Passie; 450 bladzijdes. Die moet je letter voor letter, woord voor woord, zin voor zin nalezen en corrigeren. Paul en ik deden dit tegelijkertijd; alle 450 bladzijdes. We kregen hiervoor ook maar weinig tijd van de uitgever, dus daar zijn heel wat uurtjes in gestoken.’

Niet onomstreden werkwijze
Ad geeft aan dat hij het ook een spannende tijd vindt: hoe wordt het boek ontvangen? Vinden mensen het mooi, of niet. Ad verklaart deze spanning door erop te wijzen dat zijn manier van werken niet onomstreden is. ‘Wij hebben gekeken naar de teksten van Bach (daar wordt nogal eens minzaam op neergekeken) met – als het ware – een spirituele bril op. Hoe zit de tekst in elkaar? Wat heeft Bach hier zelf mee bedoeld?’

Het gevoel ónder de teksten
‘Het gaat mij om de ervaring ónder de teksten. Wat heeft de tekst óns te zeggen? Wat betekent Bachs Johannes-Passion voor onze eigen levensweg? Als je daarover na wilt denken, dan heb je aan Bach een goeie.’

Herkenning
Wat Ad met het boek wil bereiken? ‘Ik hoor van mensen terug dat mijn boeken hen helpen. Ik ontvang ontroerende brieven en mails van mensen die zich herkennen in de ervaring, en die naar aanleiding van mijn boeken weer verder kunnen op hun eigen levenspad. Daar word ik wel een beetje verlegen van, maar dat vult me ook met een enorme gevoel van voldoening.’

Boekpresentatie Bachs onvoltooide passie 
Adveniat
geeft het boek uit, dat donderdag 27 februari wordt gepresenteerd in de kapel van het Berchmanianum in Nijmegen. Ad kijkt ernaar uit. ‘Er worden enkele fragmenten uit Bachs Johannes-Passion gezongen en de auteurs geven hierbij toelichting. Muziekjournalist Marjolijn Sengers zal een inleiding houden over het belang van dit boek en Leo Fijen verzorgt de presentatie. Het boek is ook verkrijgbaar na de presentatie. Naderhand is het boek te koop in de betere boekhandel en natuurlijk online.

Beluister ook het interview op Radio 1 dat Jurgen van den Berg had met Ad de Keyzer woensdagochtend tussen 6.00 – 7.00 uur: www.nporadio1.nl/gemist (fragment begint bij 51.31s).

 

Kijkje in de keuken van Rijcklof Hofman

Op het Titus Brandsma Instituut werken ruim 20 zeer bevlogen wetenschappers. We houden ons bezig met mystici (Geert Grote, Jan van het Kruis, Thomas van Kempen), mystieke tijdperken zoals de Moderne Devotie, of met Titus Brandsma zelf. We schrijven prachtige boeken, geven les en verzorgen symposia en leeskringen. 

Maar wat doen we nou precies? Graag geven we u een kijkje in de keuken en vertellen iedere twee weken wat één van de TBI collega’s nou precies aan het doen is. Rijcklof Hofman bijt ’t spits af:

Meer lezen