Home » Blog » Nieuw licht op het TBI: Stefaan Neirynck

Nieuw licht op het TBI: Stefaan Neirynck

Welke ambitie gaat er schuil achter nieuwe onderzoekers en vrijwilligers van het Titus Brandsma Instituut? In deel 3 van een nieuwe serie vertelt Stefaan Neirynck over zijn overstap vanuit het klooster naar het Titus Brandsma Instituut. “Van het monnikenleven werd ik niet gelukkig, nu vind ik een andere manier om in de mystieke traditie te staan.”

Na een periode van vier jaar in het benedictijnenklooster Keizersberg in Leuven zette Stefaan een punt achter zijn monnikenleven, vlak voor de plechtige professie. “Toch wel een teleurstelling, maar ik werd er niet gelukkig van. Binnen het TBI kan ik nu de mystieke traditie op een andere manier een deel van mijn leven te maken. Mijn onderzoek is dus óók een vorm van thuiskomen.”

In zijn nu gestarte onderzoek brengt Stefaan al zijn wetenschappelijke passies samen. Hij studeerde in Leuven Klassieke talen én Theologie, en promoveerde op een Byzantijnse monnik uit de twaalfde eeuw. In zijn nieuwe onderzoek zet hij twee personages uit de monastieke tradities naast elkaar: Guerric van Igny meets Symeon de Nieuwe Theoloog, west versus oost, zijn inspiratiebron uit zijn theologiestudies versus een personage uit de wereld van zijn eerdere proefschrift. De intentie is om dichter bij beider levens te komen via hun teksten. “Ik schrijf geen biografieën, de teksten staan centraal, waarmee ik aansluit bij mijn collega’s op het TBI.”

Onbevangen luisteren
Stefaan wijst op een interessante samenloop van beide monastieke figuren: ze stammen uit ongeveer dezelfde tijd, lazen dezelfde auteurs, verkondigden dezelfde evangeliën en lazen dezelfde bijbel. Maar alle gelijkenissen kunnen niet verhinderen dat hun tradities in de loop der tijd ver uit elkaar zijn gelopen. Door politieke, economische en kerkhistorische omstandigheden vertakte de rivier tot twee stromen waarin de spiritualiteit op een geheel andere manier tot uitdrukking kwam. Maar Stefaan richt zijn pijlen op de gelijkenissen, niet op de historisch gegroeide tweespalt. “Ik besef dat de verschillen veel meer zijn dan nuances, maar ik denk aan te kunnen tonen dat het gesprek tussen beide heel goed mogelijk is.”

In het lezen van de teksten uit beider tradities beoogt Stefaan vooral heel goed te luisteren. “Goed luisteren loont altijd de moeite als je verschillen wilt overbruggen.” Dat is te meer relevant, omdat de oosters-christelijke kerken ons steeds minder vreemd zijn. “Die kerken zijn bij ons, de oosterse christenen leven onder ons, zodat een oecumenisch gesprek zinvol wordt. Dat vereist onbevooroordeeld lezen, onbevangen luisteren.” Stefaan houdt van lezen – ook van moderne literatuur – en de studiekamer is zijn favoriete biotoop, maar hij neemt zich voor ook naar buiten te treden, met lezingen, leesgroepen of anderszins. “Het is mooi om anderen te laten genieten van de tradities die binnen dit instituut worden bestudeerd. Hoe we ons ook verhouden tot kerkelijke instituten, die tradities zijn van ons allemaal.”

“Wat ik het meeste mis uit het kloosterleven is de dagelijkse gregoriaanse koorzang, het nadrukkelijk samen beleven dat je in dezelfde traditie staat. Ik hoop gauw weer te kunnen meezingen met een koor – als amateur zing ik ook erg graag polyfonie, vooral meerstemmige vocale muziek uit de 14de-16de eeuw. Ook het meer fysieke aspect van zingen ben ik gaandeweg meer gaan appreciëren, net zoals ik gemerkt heb dat ik wandelen en joggen nodig heb om geestelijk in balans te blijven. Of met open mond naar hedendaagse dans te kijken, misschien juist omdat het niet verbaal en cerebraal is. ”

Stefaan Neirynck (Oostende, 1983) studeerde Klassieke talen in Leuven (2002-2006) en promoveerde er in 2015 op de kritische editie van een Byzantijns monastiek werk uit de 12de eeuw. In Leuven genoot hij bovendien een studie Theologie (2017-2021), naast een monastieke vorming binnen de kloostermuren, die hij toch weer achter zich liet. Sinds juni dit jaar werkt hij als onderzoeker van het Titus Brandsma Instituut. 

  

Tips vrije tijd

  • Umberto Eco, Baudolino (2000). Een spannend avontuur maar ook een boek dat middeleeuwse opvattingen over verhalen vertellen, waarheid en de “juiste” opvattingen goed weergeeft. En ook hier ontmoeten west en oost elkaar in de fictieve Baudolino en de reële Nicetas Choniates (Byzantijns historiograaf).
  • Stefan Hertmans, De bekeerlinge (2016) & De opgang (2020). Telkens een zoektocht naar een figuur uit het resp. verre en meer recente verleden. Beide historische personages komen tot leven doorheen het vertellen van hun verhaal én dat van Hertmans’ speurwerk.
  • Als de bliksem. 900 jaar norbertijnen, Museum Parcum, Abdij van Park, Leuven (4/5-1/8 2021)

https://www.parcum.be/nl/museum/als-de-bliksem.

Prachtig gerestaureerd abdijcomplex vol oud en nieuw leven, van een tewerkstellingsproject in de moestuin over onderzoekers tot een religieuze gemeenschap. De tentoonstelling vertelt de grote en kleine geschiedenis van orde en abdij aan de hand van tal van objecten

  • Byrd (ca. 1540-1623), Ave verum corpus

https://www.youtube.com/watch?v=2LfsHB7E9TA

Polyfonie om mee te zingen. Vooral thuis proberen!

 

Over het onderzoek

Guerric van Igny (ca. 1087?–1157) werd na een carrièrre aan de kathedraalschool van Doornik monnik in het nog jonge Cîteaux en werd algauw tot abt gekozen van het dochterklooster in Igny. Bewaard is een verzameling van 54 toespraken, oorspronkelijk gehouden voor de gemeenschap, waarin hij op een heel eigen manier toch aansluit bij de aandacht voor een meer persoonlijke en affectieve geloofsbeleving, zo typisch voor de vroege cisterciënzers.

Guerric d’Igny, Sermons I & II, ed. J. Morson & H. Costello, Sources Chrétiennes 166 & 202 (Paris, 1970 & 1973).

 

Symeon de Nieuwe Theoloog of Neotheologos (949-1022) werd monnik na een afgebroken carrière aan het hof van Constantinopel en staat bekend als de belangrijkste Byzantijnse mystieke auteur, ook als hij tijdens zijn leven in aanvaring kwam met de hiërarchie. Hij werd vooral bekend om het grote (en omstreden) belang dat hij hechtte aan persoonlijke inspiratie en als bron voor het latere hesychasme (monastieke beweging die focust op voortdurend gebed en het Jezusgebed in het bijzonder). Hij is de auteur van een omvangrijk oeuvre aan theoretische traktaten, mystieke hymnen en preken. Als overste van het klooster van St. Mamas in Constantinopel hield ook hij toespraken (catechesen) voor zijn gemeenschap.

Syméon le Nouveau Théologien, Catéchèses I, II & III, ed. B. Krivochéine, Sources Chrétiennes 96, 104 & 113 (Paris, 1963-4-5)

 

 

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *